De Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Srv) wordt opengesteld van 25 november 2019 tot en met 15 januari 2020. Het primaire doel van de regeling is het op korte termijn verminderen van (geur)overlast voor omwonenden in veedichte gebieden.

Doelgroep

Varkenshouders en gemengde bedrijven met een varkenstak, die gelegen zijn in concentratiegebied Zuid of Oost (delen van de provincies Gelderland, Limburg, Noord-Brabant, Overijssel en Utrecht), die hun bedrijf of een locatie van een bedrijf willen beëindigen en die geuroverlast veroorzaken voor woningen in een straal van 1.000 meter rond de varkenshouderijlocatie, kunnen in aanmerking komen voor de subsidie. De varkenshouderij moet daadwerkelijk hebben geproduceerd en de laatste vijf jaar vóór de sluiting onafgebroken zijn gebruikt. Deelnemers aan de zogenaamde stoppersregeling van het Actieplan Ammoniak Veehouderij (gedoogstoppers) kunnen niet deelnemen aan de Srv.

Rangschikking aanvragen op geurscore

Aanvragen worden gerangschikt op de mate van geurbelasting voor woningen in een straal van 1.000 meter rond de veehouderijlocatie, uitgedrukt in een zogenaamde geurscore. Varkenshouderijlocaties die de hoogste geurscore hebben, komen als eerste in aanmerking voor de subsidie. De varkenshouderijlocatie moet ten minste een bepaalde geurscore (drempelwaarde) hebben.

Definitieve en onherroepelijke beëindiging

Deelnemers aan de regeling moeten hun bedrijf of locatie definitief en onherroepelijk beëindigen. Dit houdt in dat de omgevingsvergunning en de vergunning op grond van de Wet natuurbescherming ingetrokken moeten worden of zodanig moeten worden aangepast dat het niet langer toegestaan is varkens te houden en evenmin andere diersoorten die bij intensieve veehouderij gehouden kunnen worden. Verder moet de bestemming van de locatie gewijzigd worden en moeten de gebouwen gesloopt worden. Een deelnemer mag geen varkens houden op een andere locatie dan waar hij ten tijde van de aanvraag reeds een varkenshouderijlocatie heeft.

Subsidie

De subsidie bestaat uit twee componenten:
•    Een marktconforme vergoeding voor de in te leveren varkensrechten. Om zo min mogelijk marktverstoring te veroorzaken wordt de hoogte hiervan pas enkele dagen voorafgaande aan de openstelling vastgesteld op basis van de dan geldende marktprijs.
•    Een vergoeding voor het waardeverlies van de varkensstallen. Deze bedraagt 65% van de gecorrigeerde vervangingswaarde.

Gecorrigeerde vervangingswaarde

De vervangingswaarde is voor zowel vleesvarkens- als zeugenstallen vastgesteld op € 470 per m2. In het kader van de Srv wordt uitgegaan van een actuele verkoopwaarde van 20% van de vervangingswaarde na de fiscale afschrijvingstermijn van 40 jaar. Het ministerie heeft een tabel opgesteld aan de hand waarvan men zelf kan berekenen hoe hoog de gecorrigeerde vervangingswaarde bij een bepaalde leeftijd van de stal is. Bij de berekening van het aantal m2 wordt uitgegaan van de buitenmaten van het gebouw.

Afwijzingsgronden

Een varkenshouder die meer varkens heeft gehouden dan het op het bedrijf rustende varkensrecht, komt niet in aanmerking voor subsidie. Daarnaast kan de subsidie worden afgewezen indien de varkenshouder niet voldoet of niet heeft voldaan aan de wettelijke vereisten voor het houden van varkens. Het gaat daarbij volgens de minister van LNV om substantiële overtredingen van de meststoffenwetgeving en de wetgeving voor dierenwelzijn.